Noord/Zuidlijn

Noord/Zuidlijn

Over de Noord/Zuidlijn

Amsterdam bouwt aan de Noord/Zuidlijn, die in 2018 gaat rijden. In alle metrostations komt kunst. Kunst versterkt de herkenbaarheid van de stations, veraangenaamt het wachten, vergroot het gevoel van veiligheid en is sterk sfeerbepalend. Maar bovenaal nodigt kunst uit tot reflectie en verdieping, tot rust en nieuwe ideeën. Het biedt een moment van bezinning onderweg.

 

QKunst kreeg in 2012 opdracht van de gemeente Amsterdam voor de artistieke begeleiding van kunst voor de Noord/Zuidlijn: het formuleren van de uitgangspunten, het selecteren van de kunstenaars en het artistiek begeleiden van ontwerp tot en met oplevering. QKunst vormt hiermee een schakel tussen kunstenaars, gemeente, aannemer, adviescommissie en architect.

 

Acht monumentale kunstwerken van soms wel 200 meter breed worden ineens gerealiseerd. Veelal geïntegreerd in de architectuur van Benthem Crouwel, op een wand of in een vloer. De opdracht aan de kunstenaars is een verrassende en eigenzinnige vertaling te maken van de directe stationsomgeving naar dit nieuwe stuk deels ondergrondse stad. Telkens vanuit een ander perspectief: van wijk tot wereld.

 

QKunst is daarnaast gevraagd mee te denken over de ontsluiting van de kunstwerken in de Oostlijn, die worden gerenoveerd.

Station Noord | regio

Met de komst van de Noord/Zuidlijn wordt het oer-Hollands landschap ten noorden van Amsterdam nog sneller bereikbaar vanuit de stad. De opdracht voor de geselecteerde kunstenaars luidde dan ook om iets van het ‘ommeland’ voelbaar te maken in de overwegend nieuw bebouwde omgeving. Voor Noord werd het ontwerp van Harmen Liemburg geselecteerd.

 

Liemburg (1966) vertelt een visueel verhaal over het gebied ten Noorden van Amsterdam, vanuit het perspectief van de vogels. Hij put daarvoor uit de vormentaal van onze dagelijkse omgeving maar ook uit cartografie en historisch bronmateriaal. De tekening wordt ingelegd in de perronvloer en bestrijkt het hele middengebied van het perron, over een lengte van bijna 180 meter. Daarmee vormt het een dialoog met de bijzondere stationskap.

Station Noord | regio

Met de komst van de Noord/Zuidlijn wordt het oer-Hollands landschap ten noorden van Amsterdam nog sneller bereikbaar vanuit de stad. De opdracht voor de geselecteerde kunstenaars luidde dan ook om iets van het ‘ommeland’ voelbaar te maken in de overwegend nieuw bebouwde omgeving. Voor Noord werd het ontwerp van Harmen Liemburg geselecteerd.

 

Liemburg (1966) vertelt een visueel verhaal over het gebied ten Noorden van Amsterdam, vanuit het perspectief van de vogels. Hij put daarvoor uit de vormentaal van onze dagelijkse omgeving maar ook uit cartografie en historisch bronmateriaal. De tekening wordt ingelegd in de perronvloer en bestrijkt het hele middengebied van het perron, over een lengte van bijna 180 meter. Daarmee vormt het een dialoog met de bijzondere stationskap.

Centraal Station | wereld | entreehal

Maak een actueel beeldverhaal als tegenhanger op het decoratieprogramma van Cuypers, dat was de vraag aan kunstenaar Jennifer Tee voor de entreehal van het centraal station. Het entreegebied bevindt zich exact onder de gevel van Cuypers uit 1889. De gevel geeft een beeld van de toenmalige positie van Amsterdam in de wereld met internationale wapens en allegorieën van handel en scheepvaart.

 

Tee ontwierp voor het entreegebied een Tulpen Palepai, waarin twee elementen samenkomen: de tulp, het wereldberoemde Nederlandse icoon en de palepai, grote geweven scheepjesdoeken uit het zuiden van Sumatra met de voorstelling van een schip. De Sumatraanse palepai getuigen van een lange en rijke handelsgeschiedenis met Nederlanders, Chinezen, Javanen, Arabieren en Portugezen. Het belangrijkste motief is dat van een schip vol menselijke figuren, dieren en een mast die uitloopt in een levensboom.

 

Het gehele wandkleed is gelegd in banen van kleurige, gedroogde tulpenblaadjes, 100.000 in totaal. Het schip herbergt symbolen en elementen uit de (recente) Amsterdamse geschiedenis: historische lantaarns van het Damrak, stationsklokken van Cuypers, de Noord/Zuidlijn als levensbaan, de Amsterdamse leeuw.

Centraal Station | wereld | metrohal

De metrohal wordt wel ‘de kathedraal’ genoemd, vanwege de grote hoogte en de monumentale pilaren. De Vlaamse videokunstenaar David Claerbout dacht direct aan Mondriaan toen hij het zag. Hij trok vervolgens een parallel met de vroege landschappen van de schilder en met de lijnen in het landschap ten Noorden van Amsterdam. Daar vond hij ook het aanknopingspunt voor de langgerekte kunstlocatie.

 

Claerbout werkt aan een digitale film van een sterk compositorisch landschap dat continu op het scherm aanwezig is. In het landschap wordt tot in detail zichtbaar gemaakt wat voor weer het de volgende dag wordt rond dezelfde tijd. De film is dan ook een ‘weather engine’: de metroreiziger ziet wat voor weer het morgen kan verwachten rond dezelfde tijd. In deze wereld woont een personage, dat continu zorgdraagt voor het landschap. De handelingen en routines vormen een parallel met de routine van de reizigers.  Claerbout vroeg voor dit werk input van het publiek tijdens een speciaal hiervoor georganiseerde brainstorm.

Station Rokin | stad

Station Rokin ligt op de plek waar Amsterdam haar oorsprong vindt. Bijna 700.000 archeologische vondsten gedaan tijdens boorwerkzaamheden getuigen van het dagelijks leven in een stad die de Amstel als afvalcontainer gebruikte. Hoe maak je die geschiedenis in één oogopslag voelbaar? Kunstenaarsduo Daniel Dewar en Grégory Gicquel en stadsarcheoloog Jerzy Gawronski vonden een antwoord: in twee monumentale installaties naast de roltrappen worden de vondsten getoond, geordend naar hun gebruik, als reflectie van de stad.

 

In dialoog met de installaties ontwierpen Dewar en Gicquel een kunstwerk voor de perronwanden. De meer dan levensgrote actuele objecten vertellen een poëtisch kort verhaal als schakel tussen de hedendaagse bovengrondse en historische ondergrondse stad. Reizigers staan straks oog in oog met onder andere een krokodil, een manshoge kikker en een paar dobbelstenen. Ogenschijnlijk even willekeurig gekozen als de beeldenstroom die dagelijks via internet ons voorbij glijdt.

Station Vijzelgracht | straat

In het rijke culturele verleden en heden dat de omgeving van Station Vijzelgracht weerspiegelt, spelen de ondernemende en artistieke bewoners van Amsterdam een belangrijke rol. Een publieke wens ging voor station Vijzelgracht in vervulling met het Shaffy Art Project, waarvoor kunstenaars zich konden aanmelden. De kunstenaars werden hier uitgedaagd (de betekenis van) Shaffy in een bredere context te plaatsen.

 

Marjan Laaper (1971) won de wedstrijd. In haar ontwerp legt ze een relatie tussen de levensloop van Ramses Shaffy en de levenspaden die wij zelf bewandelen. De LED-lichtlijnen lichten langzaam op tot een portret van Ramses Shaffy. Iedere lijn staat voor een persoon die belangrijk was in het leven van Shaffy. Het kostte Marjan veel tijd en moeite om de juiste materialen te vinden voor haar ontwerp, maar inmiddels is de productie van het werk in volle gang.

Station De Pijp | wijk

Kunstenaar Amalia Pica (1978) ging op zoek naar sfeerbepalende karakteristieken van De Pijp en vertaalde deze naar een ontwerp voor de entrees van het station en voor de lange wand in de entreehal. Ze laat het kleurrijke karakter van De Pijp letterlijk het station in sijpelen. Pica, die een tijd lang in de wijk woonde, wilde niet dat het kunstwerk zich aan de reiziger zou opdringen, maar dat het op een terughoudende manier sfeerbepalend zou zijn.

 

In eerder werk verbond Pica verschillende mensen met elkaar door ze een slinger van gekleurde vlaggetjes te laten vasthouden. Dezelfde vlaggetjes lieten later, overgoten met water, hun kleurstof los op een groot vel papier. In Station De Pijp wil Pica de suggestie wekken dat de kleur uit de wijk op eenzelfde manier naar beneden zakt. De kleuren worden aangebracht in de glazen tegels van de entreehal. Zo maken de kleuren deel uit van de huid van het station. De vlaggen keren geabstraheerd terug in de entreegebieden van het station.

Station Europaplein | Europa

Gerald van der Kaap (1959) ging voor Station Europaplein aan de slag met de vraag om een kunstwerk te ontwerpen met een sterk sfeerbepalende identiteit, vanwege het internationale karakter van deze locatie. Een zin uit een reiswoordenboekje is het uitgangspunt voor zijn ontwerp: I want a permanent wave / Ich möchte gern eine Dauerwelle / Ik wil graag een permanent. Het zijn zinnen die Van der Kaap vaak gebruikt in zijn optredens als vj en die uit een oud reiswoordenboekje komen. Ze zijn exemplarisch voor de verschillende interpretaties van taal.

 

Als Van der Kaap als vj optreedt, mixt hij een veelheid aan beelden door elkaar. Hier gebruikt hij dezelfde werkwijze, maar zijn de beelden als het ware gestold. Het ritme van het ontwerp wordt gedicteerd door de zin ‘I want a permanent wave’ en een filmisch scenario. Op de perronwand richting Noord figureert een man, op de perronwand richting Zuid een vrouw. Even zijn ze met elkaar verbonden in een Brief Encounter. Het kunstwerk van Van der Kaap wordt uitgevoerd in de glazen tegels van het station.

Station Zuid | land

Station Zuid ligt boven de grond en is het enige station van de Noord/Zuidlijn dat al bestaat. Er worden alleen perrons en toegangen aangelegd. Veel tramlijnen en treinen zullen hier samenkomen, waaronder de hogesnelheidslijn (HSL). Ook komt er een regionaal busstation. Naar verwachting zullen per dag 75.000 passagiers van Station Zuid gebruikmaken.

 

Station Zuid wordt het knooppunt van verkeer, business en wetenschap; brandpunt van mobiliteit, macht en kennis in Nederland. Station Zuid is nog niet ontworpen. De selectie van kunstenaars zal daarom later plaatsvinden.